Geplaatst op 14-01-2026
- Categorie: Stelsel Arbo & verzuim
Kwaliteit RI&E hoger bij meer deskundigen?
Helpt een RI&E en toetsing ervan om werk veiliger en gezonder te maken? Heeft toetsing door meer deskundigen meerwaarde? Commentaren op LinkedIn zeggen daar ja op. Dit vanwege een recent onderzoek van de Arbeidsinspectie. Datzelfde onderzoek heet in een andere reactie “onbeargumenteerd pesten” van de arbokerndeskundigen. Wat speelt hier?
Samenhang kwaliteit RI&E en werk
Kwaliteit van arbeidsomstandigheden enerzijds en aanwezigheid en kwaliteit van een RI&E anderzijds in arbeidsorganisaties laten enige samenhang zien. De Arbeidsinspectie toonde dat eerder meermaals aan, zonder te spreken van een causale relatie.
In het recente project heeft de dienst willekeurige bedrijven uit diverse branches geselecteerd met (1) meer dan 25 werknemers die (2) niet door de Arbeidsinspectie zijn bezocht in de voorgaande vijf jaar. Van 1 mei 2024 tot 1 mei 2025 zijn deze bezocht voor een inspectie op de werkvloer. Daarbij bleken 554 bedrijven aan de twee criteria te voldoen. Het onderzoek onder die 554 mag representatief heten. De rapportage “Toetsen van de RI&E” telt acht pagina’s.
Werkwijze onderzoek
De inspectie richtte zich op de drie meest voorkomende arborisico’s in de branche van het bedrijf. De inspecteur heeft ook gekeken naar documenten als de RI&E en het plan van aanpak. Het rapport licht toe: “De kwaliteit van de RI&E is in de vragenlijst geoperationaliseerd als ‘de mate waarin de aard, mate en duur van de risico’s in de RI&E duidelijk zijn omschreven’.”
Nieuw ten opzichte van eerdere onderzoeken is de aandacht voor de inzet van arbokerndeskundigen (AKD-en) bij de RI&E-toets. Daartoe is ook de toetsverklaring opgevraagd: is de toets uitgevoerd door één of meerdere gecertificeerde AKD-en, en viel de toetsing binnen de scope (i.e. het vakgebied) van deze?

Uitkomst Arbeidsinspectie
- In het hoofdstuk Resultaten schrijft het rapport: “Nadere analyse laat een significante en sterk positieve samenhang zien tussen toetsing binnen de scope en de kwaliteit van de RI&E. Ook blijkt de kwaliteit van de RI&E hoger wanneer meerdere AKD-en bij de toetsing betrokken waren. Dit wijst erop dat toetsing binnen scope en betrekken van meerdere kerndeskundigen zorgt voor minder risico’s voor het zorgdragen voor veilig en gezond werk.” • KoM-kanttekening: het rapport meldt bij de laatste zin een oorzaak-gevolg relatie die in de eerdere zinnen vermeden wordt.
- Het rapport haalt verder de monitor Arbo in bedrijf van de Arbeidsinspectie 2022-2023 aan. Bedrijven met een getoetste en voldoende RI&E beheersen hun arbeidsrisico’s beter dan bedrijven zonder RI&E. Bij bedrijven met een getoetste maar onvoldoende RI&E is dat ook het geval, zij het in mindere mate. Bedrijven met een niet getoetste onvoldoende RI&E scoren niet beter qua risicobeheersing dan bedrijven zonder RI&E.
Kritisch commentaar
A&O-opleider Vrooland stelt op LinkedIn: dit onderzoek zorgt voor meer vragen dan dat het beargumenteerde conclusies over het toetsen van de RI&E geeft. Hij tikt de kip-ei kwestie aan: hij denkt dat een goede RI&E eerder de opbrengst van goede arbo-inzet van de werkgever is dan andersom. Hij noemt het opvallend dat de Arbeidsinspectie bij alle bezochte bedrijven een RI&E aantreft, maar toch 500 keer waarschuwingen uitdeelt. Hij ziet geen enkel argument geleverd voor de stelling dat inzet van meer deskundigen een betere RI&E geeft; dit vanwege onder meer de gebrekkige definitie van de kwaliteit van de RI&E en de beperking tot drie risico's; zo ontstaat “onbeargumenteerd pesten” van AKD-en.

KoM-kanttekeningen
- Slippertjes daargelaten, spreken de rapporten niet van causale relaties. Ook zijn ze zorgvuldig over effecten: die betreffen kwaliteit van de RI&E, niet die van de arbeidsomstandigheden; enkele commentaren verwoorden dat wel zo, ten onrechte.
- Wat betreft de inhoud geldt dat het eerdere monitorrapport een regressieanalyse bevat zonder deugdelijke toelichting. Duidelijk is dat een RI&E statistisch significant samen gaat met een betere risicobeheersing dan wanneer er geen RI&E is, maar de gegeven cijfers zeggen niets over verhoudingen van effecten. Zo is onduidelijk in welke mate een toets iets toevoegt. Meerwaarde bij meer AKD-en is niet gekwantificeerd.
- Een methodologisch zwak punt bij onderzoek als dit is de ‘interbeoordelaarsbetrouwbaarheid’. Hebben de (waarschijnlijk tientallen) inspecteurs in het twaalf maanden lopende onderzoek gelijke situaties gelijk beoordeeld? Het rapport wijdt er geen woord aan.
- De Tweede Kamer nam najaar ’24 een motie aan, met bijna twee derde meerderheid, tegen het RI&E-toetsen door drie kerndeskundigen. Werkgeversorganisaties maakten gewag van een “uitdijende toetsingsindustrie”, terwijl er tekort zou zijn aan deskundigen. Overleg loopt over een werkbare nieuwe gang van zaken. Laadt de Arbeidsinspectie met dit rapport de verdenking op zich te interveniëren?
- Het onderwerp is belangrijk, dat vraagt gedegen onderzoek. Dan past het dat het ministerie dit door een onafhankelijk onderzoeksbureau laat doen, met onder meer een begeleidingscommissie waarin beroepsorganisaties deelnemen. Anders wordt het “over u maar zonder u”.
Starten met RI&E eenvoudig te bevorderen
Het rapport schrijft op de laatste pagina, onder de kop “Oordeel”: “Het is wel opmerkelijk dat 14% van de geïnspecteerde bedrijven een RI&E heeft opgesteld na het versturen van de verzoekbrief van de Arbeidsinspectie om relevante documenten voor de inspectie toe te sturen.” In eerdere (monitor)onderzoeken van de Arbeidsinspectie is zoiets ook gebleken. Een gerichte schriftelijke aankondiging van Arbeidsinspectie-actie rond de RI&E brengt een aantal werkgevers ertoe ‘even een RI&E te bestellen’ bij de dienstverlener, of er zelf een te maken. Over de kwaliteit van de RI&E zijn dan vragen te stellen; maar buiten kijf staat dat die werkgevers een eerste stap hebben gezet. De KoM-nieuwsbrief suggereerde meermalen dat dit goed te benutten zou zijn. Nu nogmaals: is dit iets voor samenwerking van de Arbeidsinspectie met arbodiensten die sterk staan in sectoren waar de dienst op wil focussen.
Bronnen
De monitor Arbo in Bedrijf 2022-2023.
Punt ter toelichting: genoemde regressieanalyse staat op blz. 41; deze geeft cijfers in vergelijking met bedrijven zonder RI&E; onduidelijk blijft of de aspecten wel/niet toetsing en wel/niet voldoende kwaliteit van de RI&E wezenlijk verschillende uitkomsten geven.
Rapport Toetsen van de RI&E.
Commentaar Vrooland.