Geplaatst op 04-09-2026
- Categorie: Duurzame inzetbaarheid
Weer € 30 miljoen subsidie beschikbaar
Er is onduidelijk wat duurzame inzetbaarheid (DI) precies behelst. De kennis is versnipperd. Een samenhangende visie en aanpak zijn dus lastig te maken, laat staan gerichte keuzes in beleid en praktijk.
Inventarisatie
Het ministerie van SZW had TNO gevraagd om een brede, verkennende inventarisatie van de bestaande kennis en openstaande kennisvragen. Dit “.. als basis om - samen met sociale partners - de scope van DI af te bakenen, verdere kennisontwikkeling te agenderen en zo toekomstig beleid rondom DI vorm te geven.” Aldus de inleiding van het TNO-rapport.
Drie TNO-medewerkers interviewden zeven wetenschappelijke experts en veertien medewerkers van sectororganisaties. Er blijkt onder meer geen eenduidige definitie van DI te bestaan, beleid voor DI loopt zeer uiteen. Zwaartepunten lijken vaak aanpak van fysieke belasting en onregelmatig werk; opleiding en ontwikkeling komen minder aan bod. Veel werkgevers focussen vooral op gezond aan het werk houden van oudere werknemers. Terwijl jongeren nauwelijks steun krijgen voor meebewegen met de snelle veranderingen in het werk.
Aandacht nu voor individu
Duurzame inzetbaarheid heet een gezamenlijke verantwoordelijkheid van werkgever en werknemer. Maar experts zien dat bij DI-bevordering de aandacht nu vooral uitgaat naar de individuele medewerkers. Er wordt initiatief en eigen regie verondersteld. Of en hoe dit mogelijk is, hangt echter voor een groot deel af van de ruimte die de werkgever hiervoor biedt en de ondersteuning van leidinggevenden. Deze laatste zijn volgens velen al overbelast met andere taken. Terwijl steun van het hogere management vaak achterblijft.
“Verleg de focus van individu naar organisatie en systeem.”
Het eerste aanknopingspunt van TNO voor vervolgonderzoek en DI-beleid
Het rapport bevat nog vijf van zulke aanknopingspunten, over implementatie, gerichtheid op kwetsbare groepen, meer evidence-based DI-interventies, minder focus op ouderen en verankeren van DI in beleid rond technologische ontwikkelingen.
Subsidieregeling
Sinds begin van dit decennium is minstens een miljard uitgegeven aan subsidies voor duurzame inzetbaarheid. Dit betreft met name de regeling MDIEU, de Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid Bedrijven en Eerder Uittreden, en een vervolg daarop voor terugdringen van zwaar werk dat vervroegd uittreden in de hand werkt.
Per 16 november 2026 komt er 30 miljoen beschikbaar, als derde tranche van de Tijdelijke subsidieregeling onderzoek en experimenten duurzame inzetbaarheidsinterventies. Er zijn aanvragen mogelijk met een minimum van drie kwart miljoen. Dit door een werkgeversorganisatie, een werknemersorganisatie, een O&O fonds of een brancheorganisatie. De aanvrager hoeft niet zelf geld bij te leggen.
KoMmentaar: meedoen
Voor de ingevoerde lezer bevat het TNO-rapport per saldo nauwelijks nieuws. De oproep de focus te verleggen “van individu naar organisatie en systeem” is wezenlijk, maar zeker niet nieuw. Het is toch jammer dat niets doorklinkt in de subsidieregeling die SZW-minister Vijlbrief een maand later tekende. Dat hoeft arbodienstverleners niet te weerhouden van meewerken aan aanvragen en projecten van sociale partners.
De TNO-publicatie, “Inventarisatie Duurzame Inzetbaarheid; Kennisvragen en aanknopingspunten voor DI- beleid vanuit wetenschap en praktijk”, van 10 juni 2026.
De webpagina van het Ministerie van SZW over de “Tijdelijke subsidieregeling onderzoek en experimenten duurzame inzetbaarheidsinterventies” d.d. 9 juli 2026.